Aansprakelijkheidsrisico’s bij grondwerkzaamheden

Datum 13-02-2019
De Rijksoverheid schat dat er ongeveer 1,7 miljoen kilometer aan kabels en leidingen door de Nederlandse bodem loopt.  Het is daarom niet verwonderlijk dat bij grondwerkzaamheden een risico bestaat op het beschadigen van kabels en leidingen. Indien er schade ontstaat, is het van belang om te weten wie hiervoor aansprakelijk kan worden gesteld.  In het voorjaar van 2018 heeft de Hoge Raad over deze problematiek een arrest gewezen. Een van de centrale punten in het arrest was in hoeverre een grondroerder mag vertrouwen op de door de beheerder van de kabels en leidingen verstrekte gegevens. Op de rechtsverhouding tussen de grondroerder en de beheer was onder andere de Wet informatie-uitwisseling ondergrondse netten (WION) van toepassing.
 
WION
Bij het invoeren van de WION heeft de wetgever aangegeven dat de in de rechtspraak ontwikkelde lijn te veel ten nadele van de grondroerder is ontwikkeld. Door de WION zou een meer evenwichtige verantwoordelijkheidsverdeling tussen de grondroerder en de kabel- en leidingbeheerder worden geïntroduceerd. Al met al rust de verplichting om zorgvuldig te handelen om graafschade zoveel mogelijk te voorkomen niet alleen op grondroerders, maar ook op kabel- en leidingbeheerders en de opdrachtgever voor de graafwerkzaamheden. Een en ander is uitgewerkt in de ‘CROW-Richtlijn zorgvuldig graafproces’. De grondroerder heeft een algemene zorgvuldigheidsplicht ten aanzien van de graafwerkzaamheden, en op de beheerder rust de verplichting om liggingsgegevens te verstrekken die gebaseerd zijn op zo nauwkeurig mogelijke metingen, met een minimale nauwkeurigheid van 1 meter. Hoe verhouden deze verantwoordelijkheden zich tot elkaar?
 
Hoge Raad (Liander N.V./verweerster)
De Hoge Raad stelt dat het antwoord op de vraag of de grondroerder mag vertrouwen op de door de beheerder verstrekte leidingsgegevens, aankomt op de omstandigheden van het geval, in het licht van hetgeen de CROW-Richtlijn hierover bepaalt. Als relevante gezichtspunten noemt de Hoge Raad de tijdsduur dat de kabel reeds ter plaatse ligt en de omstandigheid dat er na het leggen van de kabel grondroerende werkzaamheden hebben plaatsgevonden. Dit neemt niet weg dat de beheerder hoe dan ook zo nauwkeurig mogelijke liggingsgegevens moet verschaffen. Doet zij dit niet, dan kan dit leiden tot eigen schuld van de beheerder. De betrokkenheid van de beheerder bij het verloop van de werkzaamheden speelt ook een rol.
 
Relevantie voor de praktijk
De WION is inmiddels vervangen door de Wet informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en netwerken (WIBON). Ook de CROW-Richtlijn is vernieuwd. De in dit arrest behandelde punten zijn echter niet (aanzienlijk) gewijzigd, waardoor de overwegingen van de Hoge Raad relevant lijken te blijven. De uitkomst van het arrest is dat voor de invulling van de op grondroerders rustende zorgvuldigheidsnorm aansluiting moet worden gezocht bij de CROW-Richtlijn. Feitenrechters zullen in zekere mate gebonden zijn aan de Richtlijn bij de beoordeling van geschillen. In cassatie kan uiteindelijk worden getoetst of de feitenrechter de Richtlijn juist heeft toegepast. 
 
Wat kunnen wij voor u doen?
Advocatenkantoor van Rossum ondersteunt ondernemingen en particulieren bij zaken op het gebied van bouwrecht. Hierdoor zijn zowel grondroerders als beheerders kan kabel- en leidingnetwerken bij ons aan het juiste adres. Wij staan partijen bij door het geven van advies, maar indien nodig wordt er ook geprocedeerd. Daarnaast kunt u denken aan het verlenen van ondersteuning bij het incasseren van vorderingen of het opstellen van contracten.
Heeft u vragen over onze dienstverlening op het gebied van bouwrecht, of over andere rechtsgebieden? Twijfelt u dan niet om contact met ons op te nemen.